ECLI:NL:CRVB:2020:1165
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland en verzocht om vrijstelling van betaling van het griffierecht. De Raad vroeg om aanvullende inkomensspecificaties, die appellant niet verstrekte. Het verzoek om vrijstelling werd afgewezen en appellant werd meerdere malen gewezen op de betalingsverplichting en de gevolgen van niet-betaling.
Ondanks herhaalde aanmaningen betaalde appellant het griffierecht niet binnen de gestelde termijn. De Raad oordeelde dat appellant in verzuim was en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 2 juni 2020 en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de termijn.