ECLI:NL:CRVB:2020:1369
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens voldoende medische grondslag bevestigd
Appellant was werkzaam als gewasmedewerker in aangepast werk en meldde zich ziek met diverse pijnklachten. Het UWV beëindigde zijn Ziektewetuitkering op basis van een medisch onderzoek waarbij hij geschikt werd geacht voor zijn laatst verrichte arbeid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, omdat de medische onderzoeken zorgvuldig waren uitgevoerd en de pijnklachten subjectief waren, zonder objectief medisch bewijs voor arbeidsongeschiktheid.
In hoger beroep voerde appellant aan dat het medisch onderzoek onvolledig was, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde dat dit niet onderbouwd was met nieuwe medische informatie. De Raad onderschreef de rechtbank en bevestigde het besluit tot beëindiging van de uitkering.
De Raad wees tevens proceskosten af en maakte duidelijk dat de beoordeling van arbeidsongeschiktheid mede gebaseerd is op objectief vastgestelde beperkingen, niet op subjectieve pijnklachten zonder medische onderbouwing.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering wegens voldoende medische grondslag.