ECLI:NL:CRVB:2020:1455
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Gelderland, maar het beroepschrift bevatte geen gronden zoals vereist volgens artikel 6:5 Awb Pro. De gemachtigde van appellanten is twee keer schriftelijk in de gelegenheid gesteld om de beroepsgronden alsnog binnen een gestelde termijn in te dienen, maar heeft dit nagelaten.
Er zijn geen redenen aangevoerd die het verzuim rechtvaardigen. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder inhoudelijke behandeling van de zaak. Een proceskostenveroordeling is niet opgelegd.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 6 juli 2020. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden.