ECLI:NL:CRVB:2020:1506
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep veroordeelt dagelijks bestuur in proceskosten na intrekking hoger beroep
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen besluiten van het dagelijks bestuur van het openbaar lichaam Ferm Werk. Het hoger beroep is ingetrokken omdat het dagelijks bestuur geheel of gedeeltelijk tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellante.
De Centrale Raad van Beroep heeft op basis van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) het dagelijks bestuur veroordeeld in de proceskosten die appellante redelijkerwijs heeft moeten maken voor bezwaar, beroep en hoger beroep. De proceskosten zijn begroot op €1.050,- voor bezwaar, €1.050,- voor beroep en €525,- voor hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
Kosten voor het opvragen van bankafschriften en het eigen risico van €143,- komen in principe niet voor vergoeding in aanmerking, maar het dagelijks bestuur heeft aangegeven zich niet te verzetten tegen vergoeding van het eigen risico vanwege suboptimale besluitvorming. Vergoeding van griffierecht dient appellante rechtstreeks bij het dagelijks bestuur te vorderen.
De Centrale Raad van Beroep heeft het dagelijks bestuur veroordeeld tot betaling van €2.768,- aan proceskosten. De uitspraak is gedaan door E.C.R. Schut op 14 juli 2020.
Uitkomst: Het dagelijks bestuur is veroordeeld tot betaling van €2.768,- aan proceskosten aan appellante.