ECLI:NL:CRVB:2020:1725
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. De Raad wees appellante erop dat een griffierecht van €131,- verschuldigd was en dat dit binnen een bepaalde termijn betaald moest worden. Ondanks meerdere herinneringen werd het griffierecht niet tijdig voldaan.
De Raad oordeelt dat appellante hierdoor in verzuim is en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder inhoudelijke behandeling van het hoger beroep.
De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 4 augustus 2020. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.