Uitspraak
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
L.R. Scherpenzeel-Carlier als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op
Centrale Raad van Beroep
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een beslissing van het UWV. Het UWV nam op 13 februari 2020 een gewijzigde beslissing op bezwaar waarbij het geheel aan de bezwaren van appellante tegemoetkwam. Vervolgens trok appellante het hoger beroep in en verzocht de Raad het UWV te veroordelen in de proceskosten.
De Raad stelde vast dat het hoger beroep terecht werd ingetrokken op grond van artikel 8:75a van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) omdat het bestuursorgaan geheel aan de bezwaren tegemoet was gekomen. Het onderzoek ter zitting werd achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.
De Raad veroordeelde het UWV in de proceskosten die appellante redelijkerwijs had moeten maken in bezwaar, beroep en hoger beroep, begroot op in totaal € 3.186,20. De vergoeding van griffierecht werd uitgesloten en appellante werd verwezen naar het UWV.
De uitspraak werd gedaan door rechter M. Schoneveld en griffier L.R. Scherpenzeel-Carlier op 16 september 2020.
Uitkomst: Het hoger beroep werd ingetrokken en het UWV werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten aan appellante.