ECLI:NL:CRVB:2020:30
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit OV-schuld en niet-ontvankelijkheid bezwaar over eerste kwartaal 2017
Betrokkene verloor zijn OV-chipkaart met studentenreisproduct in januari 2016 en ontving een nieuwe kaart zonder dat het reisproduct van de oude kaart was stopgezet. De minister stelde een OV-schuld vast en stuurde meerdere aanmaningen. Betrokkene maakte bezwaar tegen de totale schuld en stelde dat hij had geprobeerd het reisproduct stop te zetten.
De rechtbank verklaarde het bezwaar ontvankelijk en vernietigde het besluit, waarbij zij aannam dat betrokkene zich inspande om het studentenreisproduct te stoppen. De minister stelde in hoger beroep dat het bezwaar slechts ontvankelijk was voor de schuld van april 2017 en dat betrokkene onvoldoende bewijs had geleverd van zijn pogingen.
De Raad oordeelt dat het bezwaar alleen ontvankelijk is voor de schuld vanaf april 2017, omdat eerdere besluiten niet tijdig zijn aangevochten. De Raad vernietigt het besluit over de schuld van januari tot maart 2017 en verklaart het bezwaar over deze periode niet-ontvankelijk. Voor de overige perioden blijft de OV-schuld gehandhaafd, omdat betrokkene niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij het reisproduct niet eerder had kunnen stopzetten.
Uitkomst: Besluit over OV-schuld januari tot maart 2017 vernietigd en bezwaar niet-ontvankelijk verklaard; overige schuld blijft gehandhaafd.