ECLI:NL:CRVB:2020:300

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
4 februari 2020
Publicatiedatum
13 februari 2020
Zaaknummer
19/4820 PW-PV
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • J.T.H. Zimmerman
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens gebrek aan belang bij terugbetaling leenbijstand

In deze zaak stond het besluit tot terugbetaling van leenbijstand centraal, waarbij de bijstand in één keer moest worden terugbetaald. De rechtbank Rotterdam had het beroep van appellante ongegrond verklaard. Tijdens de zitting in hoger beroep bevestigde de gemachtigde van appellante dat appellante geen belang meer heeft bij het hoger beroep, aangezien de terugbetaling van de leenbijstand inmiddels plaatsvindt via maandelijkse inhouding op de toegekende algemene bijstand.

De Centrale Raad van Beroep oordeelde daarom dat er geen aanleiding is voor een veroordeling in de proceskosten en verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk. Deze beslissing werd in het openbaar uitgesproken door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 4 februari 2020.

De uitspraak benadrukt het belang van het belanghebbendevereiste bij hoger beroep in bestuursrechtelijke zaken en bevestigt dat het ontbreken van belang leidt tot niet-ontvankelijkheid van het beroep. De procedure werd daarmee beëindigd zonder inhoudelijke behandeling van het geschil over de terugbetaling van leenbijstand.

Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belang bij appellante.

Uitspraak

19.4820 PW-PV

Datum uitspraak: 4 februari 2020
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 10 oktober 2019, 19/687 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellante] te [woonplaats] (appellante)
het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard (college)
Zitting heeft: J.T.H. Zimmerman
Griffier: R.I.S. van Haaren
Namens appellante is verschenen mr. E. Kafa, advocaat. Het college heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. M.C. Berger.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk.
Deze beslissing is uitgesproken in het openbaar. Zij is gebaseerd op de volgende overwegingen.
1. Het gaat in deze zaak om het besluit tot terugbetaling van leenbijstand, welke bijstand in een keer moet worden terugbetaald.
2. Bij de aangevallen uitspraak heeft de rechtbank het beroep van appellante ongegrond verklaard.
3. Ter zitting is door de gemachtigde van appellante bevestigd dat appellante geen belang meer heeft bij het hoger beroep nu de terugbetaling van de leenbijstand inmiddels plaatsvindt via maandelijkse inhouding (verrekening) op de inmiddels aan appellante toegekende algemene bijstand.
4. Voor een veroordeling in de proceskosten bestaat geen aanleiding.
Waarvan proces-verbaal.
De griffier Het lid van de enkelvoudige kamer
(getekend) R.I.S. van Haaren (getekend) J.T.H. Zimmerman