Uitspraak
OVERWEGINGEN
22 september 2017, 27 oktober 2017, 24 november 2017 en 8 december 2017 evaluatiegesprekken plaatsgevonden. Op 15 december 2017 heeft de leidinggevende het ontwikkeltraject beëindigd.
Centrale Raad van Beroep
Verzoekster was sinds 1989 werkzaam bij de rechtbank Midden-Nederland en werd ontslagen wegens onbekwaamheid en een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding. Na meerdere overplaatsingen en een ontwikkeltraject werd het ontslagbesluit genomen en gehandhaafd na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
Verzoekster stelde in hoger beroep dat het ontslagbesluit niet kon worden afgewacht vanwege haar geringe kansen op de arbeidsmarkt en verzocht om schorsing van het ontslagbesluit als voorlopige voorziening. Het bestuur voerde aan dat geen sprake was van onverwijlde spoed.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het enkel betoog dat de uitspraak niet in stand kan blijven onvoldoende is voor spoedeisend belang. Ook is niet aannemelijk dat het wachten op de bodemuitspraak de arbeidsmarktkansen zodanig schaadt dat schorsing gerechtvaardigd is. Verzoekster kan solliciteren buiten de rechtspraak en een negatieve referentie sluit dat niet uit.
De voorzieningenrechter concludeerde dat niet voldaan is aan de vereiste van onverwijlde spoed en wees het verzoek tot voorlopige voorziening af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het ontslagbesluit wordt afgewezen wegens ontbreken van onverwijlde spoed.