ECLI:NL:CRVB:2021:1056
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd in hoger beroep tegen uitspraak rechtbank Limburg inzake UWV-beslissing
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg waarin zij verzet had ingesteld tegen een beslissing van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV). De aangevallen uitspraak betreft een uitspraak als bedoeld in artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
Volgens artikel 8:104, tweede lid, aanhef en onder a, van de Awb is tegen een uitspraak van de rechtbank na toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb geen hoger beroep mogelijk. Er zijn geen feiten of omstandigheden gebleken die een doorbreking van dit wettelijk appelverbod rechtvaardigen.
Daarom verklaart de Centrale Raad van Beroep zich kennelijk onbevoegd om van het hoger beroep kennis te nemen en beslist zonder verder onderzoek. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
De uitspraak is gedaan door J.T.H. Zimmerman, in aanwezigheid van griffier T. Hemelrijk-van den Oudenalder, op 29 april 2021. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van het hoger beroep wegens het wettelijk appelverbod.