Uitspraak
19 4505 ZW
PROCESVERLOOP
mr. N. Ҫiçek, advocaat, zal optreden als gemachtigde.
Centrale Raad van Beroep
Appellant was laatstelijk werkzaam als grondwerker en meldde zich ziek met rugklachten. Na een eerstejaars ZW-beoordeling beëindigde het UWV de ZW-uitkering omdat appellant geschikt werd geacht voor ander werk, waaronder inpakker. Appellant meldde zich opnieuw ziek met rug- en psychische klachten, maar het UWV stelde na medisch onderzoek vast dat hij geschikt bleef voor de functie van inpakker.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, oordelend dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de medische informatie geen toename van beperkingen aantoonde. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn fysieke en mentale belastbaarheid was afgenomen, onderbouwd met nieuw neuro-cognitief onderzoek.
De Raad concludeert dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep terecht oordeelde dat appellant geschikt is voor eenvoudig werk. De ingediende aanvullende stukken leiden niet tot een ander oordeel. Een licht verstandelijke beperking vormt geen beletsel voor het verrichten van de functie van inpakker. Het hoger beroep wordt verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de ZW-uitkering bevestigd.