Uitspraak
19.4263 PW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant en X dienden op 17 oktober 2017 een aanvraag in voor een aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO-aanvulling). Zij verstrekten daarbij geen CIN-nummers, waarop de Sociale verzekeringsbank (Svb) de aanvraag aanvankelijk buiten behandeling stelde. Na bezwaar kende de Svb de AIO-aanvulling toe met ingang van 4 oktober 2017, maar stopzette deze op 8 februari 2018 vanwege het uitblijven van de gevraagde CIN-nummers.
Appellant maakte bezwaar tegen deze stopzetting en verzocht subsidiair om herziening van het besluit. De Svb verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en wees het verzoek om herziening af omdat er geen nieuwe feiten of omstandigheden waren. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellant dat de Svb geen rechtmatige reden had om het CIN-nummer te vragen en verwees naar jurisprudentie. De Raad oordeelde dat deze argumenten geen nieuwe feiten of omstandigheden vormden en dat de jurisprudentie na het bestreden besluit geen rol speelt bij de toetsing. Ook een gewijzigd inzicht van appellant over het verstrekken van het CIN-nummer was onvoldoende.
De Raad vond het bestreden besluit niet evident onredelijk en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om herziening en schadevergoeding wordt afgewezen en het besluit tot stopzetting van de AIO-aanvulling blijft gehandhaafd.