ECLI:NL:CRVB:2021:1489
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstand wegens niet-nakoming inlichtingenverplichting bij gokactiviteiten
Het college van burgemeester en wethouders van Heerlen heeft bij besluit van 13 september 2017, gehandhaafd bij besluit van 16 mei 2018, de bijstand van appellanten met ingang van 1 januari 2016 ingetrokken vanwege het niet melden van gokactiviteiten en ontvangen contante bedragen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep voerden appellanten aan dat appellant een gokverslaving heeft en uiteindelijk openheid van zaken heeft gegeven, waardoor slechts kan worden verweten dat hij niet direct openheid gaf. De Centrale Raad van Beroep stelt vast dat appellant zijn gokactiviteiten niet heeft geconcretiseerd of de omvang ervan onderbouwd, waardoor onduidelijk blijft wat de omvang van de gokactiviteiten en opbrengsten was.
De Raad oordeelt dat schending van de inlichtingenverplichting een rechtsgrond vormt voor intrekking van de bijstand indien het recht daarop niet kan worden vastgesteld. Omdat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij recht op bijstand had, wordt het hoger beroep verworpen. De uitspraak is in het openbaar gedaan en de proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand wordt bevestigd omdat appellant zijn gokactiviteiten niet heeft geconcretiseerd, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld.