ECLI:NL:CRVB:2021:1668
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdig indienen beroepsgronden
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Bij het indienen van het beroepschrift werden echter geen beroepsgronden meegestuurd, hetgeen een vereiste is volgens artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De gemachtigde van appellante werd bij brief van 14 januari 2021 in de gelegenheid gesteld dit te herstellen binnen vier weken, maar liet deze termijn voorbijgaan.
Vervolgens werd bij aangetekende brief van 15 februari 2021 nogmaals een termijn van vier weken gesteld om de beroepsgronden in te dienen, met de waarschuwing dat overschrijding tot niet-ontvankelijkheid zou leiden. Ook binnen deze termijn werden geen gronden ingediend. Pas op 14 april 2021 ontving de Raad de beroepsgronden per fax, wat te laat was.
Er zijn geen redenen aangevoerd die het verzuim kunnen verontschuldigen. Daarom verklaart de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door E.C.R. Schut op 6 juli 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het niet tijdig indienen van de beroepsgronden.