ECLI:NL:CRVB:2021:2299
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing maatwerkvoorziening ondersteuning maatschappelijke deelname en zelfstandig leven
Appellante verzocht om een maatwerkvoorziening voor ondersteuning bij maatschappelijke deelname en zelfstandig leven in de vorm van zorg in natura. Het college wees dit verzoek af omdat zij oordeelde dat appellante niet in staat is de aan het persoonsgebonden budget (pgb) verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Dit besluit werd bevestigd door de rechtbank, die zich baseerde op een consulentrapport van augustus 2017 en een medisch advies van SCIO Consult uit september 2016.
De consulent concludeerde dat appellante niet in staat is tot verantwoord budgethouderschap vanwege problemen met administratieve taken en het waarborgen van goede ondersteuning. Ook was er sprake van een moeizame relatie met zorgaanbieders en een beperkt sociaal netwerk. Het medisch advies beschreef psychische klachten met intellectuele beperkingen, stemmings- en angstproblematiek, die leiden tot problemen met lezen, schrijven, rekenen, probleemoplossing en zelfstandig financieel beheer.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat de rechtbank haar bezwaren onvoldoende had meegewogen, maar bracht geen nieuwe feiten of argumenten naar voren. De Raad onderschreef de motivering van de rechtbank en bevestigde dat het college zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat appellante niet in staat is de pgb-taken verantwoord uit te voeren. De afwijzing van het verzoek om maatwerkvoorziening blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de maatwerkvoorziening bevestigd.