Uitspraak
20 2533 WIA
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
.Na een arbeidskundig onderzoek heeft het Uwv de mate van arbeidsongeschiktheid van appellant vervolgens ingaande 28 augustus 2015 gewijzigd in 73,90%.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, voormalig chauffeur verkeersgeleiding, ontving sinds 2014 een WGA-uitkering vanwege arbeidsongeschiktheid vastgesteld op circa 68%. Na een herbeoordeling en een arbeidskundig onderzoek werd de mate van arbeidsongeschiktheid aangepast naar 65-80%. Appellant verzocht in 2019 om herbeoordeling wegens toegenomen medische klachten en overhandigde medische rapporten van een neuroloog en fysiotherapeut.
Het UWV handhaafde het besluit tot voortzetting van de WGA-vervolguitkering zonder wijziging. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, stellende dat de medische rapporten van verzekeringsartsen zorgvuldig en consistent waren en dat de navelbreuk geen verklaring bood voor de klachten. De rechtbank zag geen reden voor het benoemen van een onafhankelijke deskundige.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten en voerde nieuwe medische feiten aan, waaronder een MRI en aanvullend neuroloogonderzoek. De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat deze gegevens onvoldoende aanleiding boden om het besluit te wijzigen. De verzekeringsarts bezwaar en beroep had overtuigend onderbouwd dat geen extra beperkingen aanwezig waren. Ook de psychomentale kwetsbaarheid was reeds in de beoordeling meegenomen.
De Raad concludeerde dat het hoger beroep niet slaagt en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen aanleiding gezien voor een deskundigenonderzoek of wijziging van de uitkering. De proceskosten werden niet toegewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit om de WGA-vervolguitkering ongewijzigd voort te zetten.