ECLI:NL:CRVB:2021:2851
Centrale Raad van Beroep
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek tegen behandelend rechter in hoger beroep UWV-zaak
Verzoeker heeft in hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam een wrakingsverzoek ingediend tegen de behandelend rechter, stellende dat deze ten onrechte geen onafhankelijk deskundige heeft benoemd in het vooronderzoek. De Raad overweegt dat een wrakingsgrond moet berusten op feiten of omstandigheden die de onpartijdigheid van de rechter aantasten.
De Raad benadrukt dat het niet benoemen van een deskundige in het vooronderzoek geen reden is voor wraking, tenzij dit blijk geeft van vooringenomenheid, wat hier niet het geval is. De zittingsrechter mag een beslissing over het inschakelen van een deskundige pas na behandeling van de zaak nemen. Verzoeker is niet verschenen bij de zitting, de behandelend rechter evenmin.
De Raad concludeert dat het wrakingsverzoek ongegrond is en wijst het af. Er is geen aanleiding voor een veroordeling in de proceskosten. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 19 november 2021 door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de behandelend rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan gegronde wrakingsgrond.