ECLI:NL:CRVB:2021:3061
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is griffierecht verschuldigd bij het indienen van een beroepschrift, en artikel 8:108 Awb Pro maakt deze bepaling van toepassing op hoger beroep.
De gemachtigde van appellant is op 24 april 2021 en opnieuw op 25 mei 2021 schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €134,- binnen de gestelde termijnen. Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet binnen de termijn voldaan.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.C.R. Schut en griffier D.W.M. Kaldenhoven op 7 december 2021.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.