ECLI:NL:CRVB:2021:3067
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep en proceskostenveroordeling in bestuursrechtelijke zaak
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant. Vervolgens trok het college het hoger beroep in bij brief van 30 december 2020. Betrokkene verzocht daarop om veroordeling van het college in de proceskosten die redelijkerwijs gemaakt zijn in verband met de behandeling van het hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep heeft het verzoek van betrokkene toegewezen en het college veroordeeld tot betaling van proceskosten van € 748,-. Het onderzoek ter zitting is achterwege gelaten omdat appellant geen verweerschrift heeft ingediend en het hoger beroep is ingetrokken.
De uitspraak is gedaan op 7 december 2021 door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep, waarbij E.C.R. Schut als rechter en K.R. van Renswoude als griffier aanwezig waren. De proceskosten zijn vastgesteld conform het Besluit proceskosten bestuursrecht.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van € 748,- aan proceskosten aan betrokkene na intrekking van het hoger beroep.