ECLI:NL:CRVB:2021:3156

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
14 december 2021
Publicatiedatum
14 december 2021
Zaaknummer
19/2106 PW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:57 AwbArt. 8:75a AwbArt. 8:108 Awb
Verwijzingen
7 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan

Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. De Sociale verzekeringsbank (Svb) nam op 27 mei 2021 een herziene beslissing op bezwaar waarin zij volledig tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Naar aanleiding hiervan trok appellant het hoger beroep in en verzocht de Raad om de Svb te veroordelen in de proceskosten.

De Raad stelde vast dat de Svb geen verweerschrift had ingediend en dat het onderzoek ter zitting achterwege kon blijven. Op grond van artikel 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan het bestuursorgaan worden veroordeeld in de proceskosten indien het beroep wordt ingetrokken vanwege tegemoetkoming.

De Raad oordeelde dat de Svb in de kosten moest worden veroordeeld en begrootte deze op € 748,- voor verleende rechtsbijstand in hoger beroep. Voor het griffierecht kon appellant zich rechtstreeks tot de Svb wenden. De uitspraak werd gedaan door rechter E.C.R. Schut op 14 december 2021.

Uitkomst: De Sociale verzekeringsbank wordt veroordeeld tot betaling van € 748,- aan proceskosten aan appellant.

Uitspraak

Datum uitspraak: 14 december 2021
19/2106 PW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van
4 april 2019, 18/5750 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Raad van bestuur van de Sociale verzekeringsbank (Svb)

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. M.H.J. van Geffen, advocaat, hoger beroep ingesteld.
De Svb heeft op 27 mei 2021 een herziene beslissing op bezwaar genomen.
Bij brief van 14 september 2021 heeft mr. Van Geffen namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht de Svb te veroordelen in de proceskosten.
De Svb heeft geen verweerschrift ingediend.
Onder toepassing van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 8:108, eerste lid, van de Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
Namens appellant is het hoger beroep ingetrokken omdat de Svb met de herziene beslissing op bezwaar van 27 mei 2021 volledig aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen.
Aangezien de rechtbank bij de aangevallen uitspraak al heeft beslist ten aanzien van de kosten in verband met de procedures in bezwaar en beroep, staan nog slechts de in hoger beroep gemaakte kosten ter beoordeling.
De Raad ziet aanleiding de Svb te veroordelen in de kosten die appellant in verband met de behandeling van het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 748,- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
Voor vergoeding van het betaalde griffierecht in hoger beroep kan appellant zich rechtstreeks tot de Svb wenden.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt de Svb in de kosten van appellant tot een bedrag van € 748,-.
Deze uitspraak is gedaan door E.C.R. Schut, in tegenwoordigheid van K.R. van Renswoude als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 14 december 2021.
(getekend) E.C.R. Schut
(getekend) K.R. van Renswoude