ECLI:NL:CRVB:2021:3159
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht door inschrijving eenmanszaak
Appellant ontving sinds 2012 bijstand en stond vanaf 2014 ingeschreven bij de Kamer van Koophandel met een eenmanszaak. Het college trok de bijstand in en vorderde deze terug wegens schending van de inlichtingenplicht, omdat appellant zijn inschrijving bij de KvK niet had gemeld.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellant ging in hoger beroep. De Raad voor de Rechtspraak stelde vast dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij recht had op bijstand over de periode in geding, mede omdat hij geen inzicht gaf in de omvang van zijn bedrijfsmatige activiteiten en inkomsten.
De Raad bevestigde dat het college de bijstand terecht had ingetrokken en teruggevorderd, omdat de inschrijving bij de KvK relevant is voor het vaststellen van het recht op bijstand en appellant deze informatie niet had verstrekt. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand wegens schending van de inlichtingenplicht is bevestigd.