ECLI:NL:CRVB:2021:3356
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking hoger beroep UWV en proceskostenveroordeling
De Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Limburg in een WAJONG-zaak. Op 1 september 2021 trok het UWV het hoger beroep in. Betrokkene verzocht vervolgens om een proceskostenveroordeling tegen het UWV. De Raad stelde het onderzoek ter zitting achterwege en sloot het onderzoek.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van artikel 8:118 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bij intrekking van het hoger beroep door het bestuursorgaan het bestuursorgaan op verzoek van een partij kan worden veroordeeld in de proceskosten. De rechtbank had het UWV reeds veroordeeld in de proceskosten in eerste aanleg, zodat de Raad zich alleen over de kosten in hoger beroep hoefde uit te spreken.
De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van de proceskosten van betrokkene in hoger beroep, begroot op € 1.122,- voor verleende rechtsbijstand. De uitspraak werd gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum op 30 december 2021.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van € 1.122,- aan proceskosten aan betrokkene na intrekking van het hoger beroep.