ECLI:NL:CRVB:2021:424
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziekengeld op grond van no-riskpolis wegens niet voldoen aan minimumloonvoorwaarde
Ex-werknemer, die sinds 23 november 2005 arbeidsgehandicapt is en sinds 2 maart 2015 in dienst was bij appellante, meldde zich ziek. Het UWV weigerde Ziekengeld toe te kennen op grond van de no-riskpolis omdat niet aan de voorwaarden werd voldaan.
De no-riskpolis vereist dat de werknemer met ondersteuning van het college van burgemeester en wethouders wordt begeleid bij arbeidsinschakeling én niet in staat is het minimumloon te verdienen. Partijen waren het eens over de eerste voorwaarde, maar niet over de tweede.
Het UWV baseerde zich op een rapport van een arbeidsdeskundige van 24 oktober 2017, waaruit bleek dat ex-werknemer in staat was een drempelfunctie als productiemedewerker uit te oefenen en daarmee het minimumloon te verdienen. Appellante betwistte dit vanwege onvoldoende rekening met gehoorbeperkingen.
De Raad oordeelde dat het rapport voldoende inzicht gaf in de beperkingen en de noodzakelijke begeleiding, en dat ex-werknemer daardoor geacht moet worden het minimumloon te kunnen verdienen. Omdat niet aan de tweede voorwaarde werd voldaan, bestond geen recht op Ziekengeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van Ziekengeld op grond van de no-riskpolis bevestigd.