ECLI:NL:CRVB:2021:459
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing Wajong-uitkering wegens beschikbaar arbeidsvermogen ondanks psychische klachten
Appellante vroeg een Wajong-uitkering aan wegens psychische klachten, maar het UWV wees dit af omdat zij arbeidsvermogen zou hebben. Na een eerdere vernietiging van een besluit door de rechtbank, stelde het UWV een nieuw onderzoek in. De verzekeringsarts concludeerde dat appellante belastbaar is voor vier uur per dag en een uur aaneengesloten kan werken, mits in een rustige omgeving met begeleiding. De arbeidsdeskundige bevestigde dat appellante een taak kan uitvoeren binnen een arbeidsorganisatie en beschikt over basale werknemersvaardigheden.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij duurzaam geen arbeidsvermogen heeft door complexe psychische problematiek en medicatieproblemen, en dat haar mogelijkheden tot arbeidsparticipatie niet ontwikkelen. De Raad volgde dit niet, omdat het medisch onderzoek zorgvuldig was en geen aanwijzingen gaf voor duurzame arbeidsongeschiktheid. Ook het standpunt dat zij enkel in de sociale werkvoorziening kan werken, leidt niet tot toekenning van een Wajong-uitkering.
De Raad concludeerde dat appellante arbeidsvermogen heeft en dat het UWV haar aanvraag terecht heeft afgewezen. Het verzoek om een deskundige te benoemen werd afgewezen. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd, met een verbetering van de motivering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante arbeidsvermogen heeft en wijst de Wajong-uitkering af.