ECLI:NL:CRVB:2021:913

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
22 april 2021
Publicatiedatum
22 april 2021
Zaaknummer
19/3900 MAW
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:75a AwbArt. 8:108 Awb
Verwijzingen
6 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens volledige tegemoetkoming Kroon

Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een bestuursrechtelijke uitspraak van de rechtbank Den Haag. Tijdens de procedure heeft de Kroon, vertegenwoordigd door de Staatssecretaris van Defensie, volledig aan de bezwaren van appellant tegemoetgekomen, wat resulteerde in een eervol ontslag per Koninklijk Besluit.

Naar aanleiding hiervan heeft appellant het hoger beroep ingetrokken en verzocht om een proceskostenveroordeling van de Kroon. De Centrale Raad van Beroep heeft het onderzoek zonder zitting gesloten en overwogen dat op grond van de Algemene wet bestuursrecht de Kroon in de kosten kan worden veroordeeld.

De Raad heeft de proceskosten vastgesteld op een totaalbedrag van € 2.261,-, bestaande uit kosten voor bezwaar, beroep, hoger beroep en een vergoeding voor medische kosten van een psycholoog. Het betaalde griffierecht kan appellant rechtstreeks bij de Kroon verhalen.

De uitspraak is gedaan in het openbaar op 22 april 2021 door C.H. Bangma, in aanwezigheid van griffier K.R. van Renswoude.

Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep veroordeelt de Kroon in de proceskosten van appellant tot een bedrag van € 2.261,-.

Uitspraak

Datum uitspraak: 22 april 2021
19/3900 MAW
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in de artikelen 8:75a en 8:108 van de Algemene wet bestuursrecht in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Den Haag van
1 augustus 2019, 17/7705, 18/86 en 18/88 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[Appellant] te [woonplaats] (appellant)
de Kroon, vertegenwoordigd door de Staatssecretaris van Defensie (Kroon)

PROCESVERLOOP

Namens appellant heeft mr. H.J.G. Dudink, advocaat, hoger beroep ingesteld.
Bij brief van 23 oktober 2020 heeft mr. Dudink de Raad meegedeeld dat de Kroon volledig tegemoet is gekomen aan de bezwaren van appellant en dat appellant per Koninklijk Besluit (KB) eervol is ontslagen. Mr. Dudink heeft dan ook namens appellant het hoger beroep ingetrokken en gelijktijdig aan de Raad verzocht de Kroon te veroordelen in de proceskosten.
De Kroon heeft gebruik gemaakt van de gelegenheid een verweerschrift in te dienen.
Onder toepassing van artikel 8:57 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het onderzoek ter zitting achterwege gelaten. Vervolgens is het onderzoek gesloten.

OVERWEGINGEN

Artikel 8:75a, eerste lid, eerste volzin, van de Awb bepaalt dat in geval van intrekking van het beroep omdat het bestuursorgaan geheel of gedeeltelijk aan de indiener van het beroepschrift is tegemoetgekomen, het bestuursorgaan op verzoek van de indiener bij afzonderlijke uitspraak met toepassing van artikel 8:75 van Pro de Awb in de kosten kan worden veroordeeld. Ingevolge artikel 8:108, eerste lid, van de Awb is deze bepaling van overeenkomstige toepassing op het hoger beroep.
Namens appellant is het hoger beroep ingetrokken omdat de Kroon volledig aan de bezwaren van appellant is tegemoetgekomen. De Kroon heeft appellant per KB eervol ontslagen.
De Raad ziet aanleiding de Kroon te veroordelen in de kosten die appellant in verband met de behandeling van het bezwaar, het beroep en het hoger beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De proceskosten worden, ingevolge het Besluit proceskosten bestuursrecht, begroot op € 534,- in bezwaar, € 1.068,- in beroep en € 534,- in hoger beroep voor verleende rechtsbijstand.
De Raad is van oordeel dat de gevraagde medische kosten voor het rapport van M.A.H. Tielen, psycholoog, tot een bedrag van € 125,- voor vergoeding in aanmerking komt.
Voor vergoeding van het betaalde griffierecht kan appellant zich rechtstreeks tot de Kroon wenden.

BESLISSING

De Centrale Raad van Beroep veroordeelt de Kroon in de kosten van appellant tot een bedrag van € 2.261,-.
Deze uitspraak is gedaan door C.H. Bangma, in tegenwoordigheid van K.R. van Renswoude als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 22 april 2021.
(getekend) C.H. Bangma
(getekend) K.R. van Renswoude