ECLI:NL:CRVB:2022:1120
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens schending medewerkingsverplichting
Appellante diende op 17 mei 2019 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Nissewaard. Het college nodigde haar uit voor huisbezoeken en gesprekken om het recht op bijstand vast te stellen, maar appellante verscheen niet op de gesprekken op 24 juni en 1 juli 2019.
Het college wees de aanvraag af wegens niet-naleving van de medewerkingsverplichting zoals bedoeld in artikel 17, tweede lid, van de Participatiewet. Appellante voerde aan dat haar angststoornis en straatvrees haar verhinderden te verschijnen, maar zij kon dit niet aannemelijk maken met medische informatie. Ook stelde zij dat het college telefonisch contact had kunnen accepteren, wat niet toereikend werd geacht.
De Raad oordeelde dat het college terecht van appellante mocht verlangen persoonlijk te verschijnen om haar identiteit en recht op bijstand vast te stellen. De mogelijkheid van videobellen was destijds niet beschikbaar. De schending van de medewerkingsverplichting rechtvaardigde de afwijzing van de aanvraag. De Raad bevestigde daarmee het vonnis van de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand wordt afgewezen wegens niet-naleving van de medewerkingsverplichting.