ECLI:NL:CRVB:2022:1558
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een besluit van het dagelijks bestuur van Fijnder, voorheen de Sociale Dienst Oost Achterhoek. Tijdens de procedure nam het dagelijks bestuur een herzieningsbesluit dat tegemoetkwam aan de bezwaren van appellant. Naar aanleiding hiervan trok appellant het hoger beroep in en verzocht om een proceskostenveroordeling van het bestuursorgaan.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb het bestuursorgaan bij intrekking van het beroep wegens tegemoetkoming in de bezwaren kan worden veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten. Dit geldt ook als het bestuursorgaan geen verwijt treft en zelfs indien de tegemoetkoming op een andere grond dan de aangevoerde grieven is gebaseerd.
De Raad wees het verweer van het dagelijks bestuur af dat alleen kosten in hoger beroep vergoed zouden moeten worden, omdat het herzieningsbesluit pas na de uitspraak van 24 augustus 2021 was genomen. De Raad veroordeelde het dagelijks bestuur in de proceskosten van bezwaar, beroep en hoger beroep, begroot op in totaal €3.359,-. Het griffierecht kan appellant rechtstreeks bij het bestuursorgaan verhalen.
Uitkomst: Het dagelijks bestuur wordt veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellant ter hoogte van €3.359,-.