ECLI:NL:CRVB:2022:1792
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige indiening beroepschrift TOZO
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam inzake de TOZO. De Centrale Raad van Beroep beoordeelt of het beroepschrift tijdig is ingediend. Volgens artikel 6:24 Awb Pro en gerelateerde bepalingen geldt een termijn van zes weken voor het indienen van een beroepschrift, ingaande de dag na toezending van de aangevallen uitspraak.
De aangevallen uitspraak is op 24 maart 2022 aan partijen toegezonden. Het beroepschrift van appellant is echter pas op 18 mei 2022 ontvangen, wat betekent dat het niet tijdig is ingediend. Appellant heeft een verklaring gegeven dat hij vertrouwde op een mededeling van een griffier over de termijn, maar dit wordt niet als voldoende reden geaccepteerd om het verzuim te rechtvaardigen.
De Raad oordeelt dat appellant op de hoogte was van de zes weken termijn en dat het zijn verantwoordelijkheid was om bij twijfel navraag te doen. Door dit niet te doen, heeft appellant het risico genomen dat het beroep niet-ontvankelijk zou worden verklaard. Daarom wordt het hoger beroep zonder verdere inhoudelijke beoordeling niet-ontvankelijk verklaard. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige indiening van het beroepschrift.