ECLI:NL:CRVB:2022:2054
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Noord-Holland. Voor het in behandeling nemen van het hoger beroep is een griffierecht van €134,- verschuldigd, dat uiterlijk 28 dagen na verzending van de betalingsopdracht voldaan moest zijn. Appellant heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar het vereiste formulier is niet binnen de gestelde termijn ingevuld en teruggezonden, waardoor dit beroep is afgewezen.
Ondanks meerdere herinneringen en aanmaningen, waaronder aangetekende brieven die niet zijn afgehaald, heeft appellant het griffierecht niet tijdig betaald. Het ingevulde formulier werd pas na de termijn ontvangen, waardoor het beroep op betalingsonmacht niet in behandeling kon worden genomen. De Raad concludeert dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 13 september 2022 en is openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.