ECLI:NL:CRVB:2022:2070
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verzoek om herziening niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Verzoeker heeft een verzoek tot herziening ingediend tegen een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep van 30 juli 2020. De Raad heeft verzoeker meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €136,- binnen de gestelde termijnen. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet tijdig voldaan.
De Raad oordeelt op basis van de beschikbare gegevens dat verzoeker in verzuim is en verklaart het verzoek om herziening daarom niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum en uitgesproken in het openbaar op 20 september 2022.
Tegen deze beslissing kunnen belanghebbenden en het bestuursorgaan binnen zes weken schriftelijk verzet aantekenen bij de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Het verzoek om herziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.