ECLI:NL:CRVB:2022:2117
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-betaling griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam. Volgens de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is griffierecht verschuldigd bij het indienen van een beroepschrift en hoger beroep. Appellante werd per brief geïnformeerd over de verschuldigde griffierechten en de betalingstermijn, alsmede de mogelijkheid om een beroep op betalingsonmacht te doen.
Appellante heeft een beroep op betalingsonmacht gedaan, maar heeft niet tijdig of volledig de gevraagde informatie verstrekt om dit te onderbouwen. Hierdoor is het beroep op betalingsonmacht afgewezen. Vervolgens is appellante meerdere malen schriftelijk gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn, met de waarschuwing dat niet-betaling leidt tot niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep.
Omdat het griffierecht niet binnen de termijn is betaald en appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij niet in verzuim was, verklaart de Centrale Raad van Beroep het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door rechter E.C.R. Schut en griffier A.F. Hulskes op 4 oktober 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht binnen de gestelde termijn.