ECLI:NL:CRVB:2022:231
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening pensioenuitspraak na ontslag ambtenaar
Verzoeker, voormalig ambtenaar bij het Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden, heeft een verzoek tot herziening ingediend tegen een uitspraak van de Raad van 13 april 2017 over zijn pensioenrechten na eervol ontslag in 1998.
Hij stelde dat het college onzorgvuldig handelde door het ABP onjuist te informeren over zijn wachtgelduitkering, wat leidde tot een lager pensioen. In eerdere procedures werd geoordeeld dat de kwestie privaatrechtelijk is en niet bestuursrechtelijk kan worden behandeld.
In het herzieningsverzoek bracht verzoeker aan dat een document uit 2011, pas in 2018 bekend geworden, misleiding aantoont en dat het college een oneerlijke proceshouding had. De Raad oordeelt echter dat deze feiten geen aanleiding geven tot een andere uitspraak, omdat de geldstromen betrekking hebben op correcties tussen 1994 en 1998 en niet op de schadeoorzaak uit 1998.
Daarom wordt het verzoek om herziening afgewezen en worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen omdat de nieuwe feiten geen andere uitspraak zouden rechtvaardigen.