ECLI:NL:CRVB:2022:2637
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht in AOW-zaak
Appellanten hebben hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam in een AOW-zaak. De Centrale Raad van Beroep heeft hen meerdere malen gewezen op de verplichting tot betaling van het griffierecht van €136,- binnen een gestelde termijn. Ondanks een beroep op betalingsonmacht en meerdere herinneringen heeft appellanten niet tijdig voldaan aan het verzoek om betaling en het invullen van een formulier ter onderbouwing van betalingsonmacht.
De Raad heeft het beroep op betalingsonmacht afgewezen omdat het formulier niet binnen de gestelde termijn en niet volledig is ingediend. Vervolgens is appellanten nogmaals schriftelijk gewaarschuwd dat niet tijdige betaling kan leiden tot niet-ontvankelijkheid van het hoger beroep. Het griffierecht is niet betaald binnen de gestelde termijn, waardoor het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk is verklaard.
De Raad heeft zonder verder onderzoek beslist dat appellanten in verzuim zijn en dat het hoger beroep niet inhoudelijk behandeld zal worden. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum, en is openbaar uitgesproken op 7 december 2022.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.