Uitspraak
20.3816 MAW, 20/3817 MAW
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak;
- wijst het verzoek om veroordeling tot vergoeding van schade af.
Centrale Raad van Beroep
Appellant, werkzaam bij de Koninklijke Marechaussee sinds 1999, solliciteerde naar twee Senior functies in de rang van opperwachtmeester bij de Brigades [regio 1] en [regio 2]. De staatssecretaris wees hem af omdat hij niet voldeed aan de functie-eisen en niet de meest geschikte kandidaat was, vooral vanwege tekorten in visie en leidinggevende capaciteiten.
Appellant stelde in bezwaar en hoger beroep onder meer dat de verslagen van de Adviescommissies Functietoewijzing (ACF's) incompleet waren en dat zijn privacy was geschonden door het raadplegen van beveiligde politiesystemen. Deze bezwaren werden door de Raad verworpen. De Raad oordeelde dat de staatssecretaris voldoende had onderbouwd waarom appellant niet geschikt was en dat de beoordelingsvrijheid van het bestuursorgaan gerespecteerd moest worden.
Verder werd geoordeeld dat appellant onvoldoende had aangetoond dat de ACF's bevooroordeeld waren en dat de functionerings- en beoordelingsverslagen weliswaar meegenomen hadden moeten worden, maar dat deze niets aan de beslissing veranderden. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. De aangevallen uitspraak van de rechtbank Den Haag werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van appellant voor de Senior functies bevestigd.