ECLI:NL:CRVB:2023:2300
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet tijdige betaling griffierecht
In deze zaak heeft appellant hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Den Haag. Het griffierecht van €136,- was verschuldigd en appellant werd hier tweemaal schriftelijk op gewezen, met duidelijke termijnen voor betaling. Ondanks deze waarschuwingen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijn voldaan.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellant in verzuim is en verklaart het hoger beroep daarom kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De beslissing is genomen zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
De uitspraak is gedaan door C.E.M. Marsé, in aanwezigheid van griffier A. Giesen, en op 5 december 2023 in het openbaar uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden aangetekend.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdige betaling van het griffierecht.