ECLI:NL:CRVB:2023:2473
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens onvoldoende woon- en financiële gegevens
Appellant diende op 4 oktober 2019 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Utrecht. Het college wees de aanvraag af wegens onvoldoende verstrekte informatie over zijn woon- of verblijfadres en financiële situatie. Appellant was sinds 2014 ingeschreven op een adres waar hij niet meer woonde en gaf wisselende verklaringen over zijn verblijfplaats, zonder concrete adressen te noemen. Daarnaast gaf hij geen volledige financiële gegevens, ondanks verzoeken, en maakte hij geen melding van zijn bestuursfunctie bij een stichting waarvan bankafschriften niet werden overgelegd.
Het college handhaafde het besluit na bezwaar en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij wel aan zijn inlichtingenplicht had voldaan, maar de Raad volgde dit niet. De Raad vond dat appellant onvoldoende concrete en verifieerbare gegevens had verstrekt om zijn recht op bijstand vast te stellen.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank. Appellant krijgt geen bijstand over de periode van 4 oktober tot en met 19 november 2019 en ook geen vergoeding van proceskosten of griffierecht. De uitspraak werd op 12 december 2023 in het openbaar gedaan door de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: De aanvraag om bijstand is terecht afgewezen wegens onvoldoende verstrekte woon- en financiële gegevens.