ECLI:NL:CRVB:2023:2491
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken beroepsgronden en verzuim hersteltermijn
In deze zaak heeft de Centrale Raad van Beroep het beroep van appellant tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Veenendaal behandeld. Eerder had de Raad het bestreden besluit vernietigd en het college opgedragen een nieuwe beslissing te nemen over de terugvordering.
Het college stelde op 15 mei 2023 het terugvorderingsbedrag opnieuw vast, waartegen appellant beroep instelde. Het ingediende beroepschrift bevatte echter geen gronden, hetgeen in strijd is met artikel 6:5 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
De gemachtigde van appellant kreeg twee maal de gelegenheid om dit verzuim binnen een gestelde termijn te herstellen, maar liet beide termijnen ongebruikt voorbijgaan. Er was geen sprake van een verontschuldiging voor dit verzuim. Daarom verklaarde de Raad het beroep niet-ontvankelijk zonder inhoudelijke behandeling. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van beroepsgronden en het niet herstellen van dit verzuim binnen de gestelde termijnen.