ECLI:NL:CRVB:2023:27
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling na intrekking hoger beroep wegens tegemoetkoming bestuursorgaan
Appellant stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Rotterdam inzake een bestuursrechtelijke zaak. Tijdens de procedure liet het college een nader medisch onderzoek verrichten en nam een gewijzigde beslissing op bezwaar. Naar aanleiding hiervan trok appellant het hoger beroep in, omdat het college geheel of gedeeltelijk aan zijn verzoek tegemoet was gekomen.
De Centrale Raad van Beroep beoordeelde het verzoek van appellant om het college te veroordelen in de proceskosten. Omdat het college geen verweerschrift had ingediend met betrekking tot de proceskostenvergoeding, werd nader onderzoek achterwege gelaten en het onderzoek gesloten.
De Raad oordeelde dat het college op grond van de toepasselijke artikelen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) veroordeeld kon worden in de proceskosten. De proceskosten werden begroot op een totaalbedrag van € 3.705,-, bestaande uit kosten in bezwaar, beroep en hoger beroep. Het griffierecht in hoger beroep kan appellant rechtstreeks bij het college verhalen.
De uitspraak werd gedaan door rechter C.E.M. Marsé, in aanwezigheid van griffier D. van der Boom, en uitgesproken in het openbaar op 10 januari 2023.
Uitkomst: Het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen is veroordeeld tot betaling van € 3.705,- aan proceskosten aan appellant.