ECLI:NL:CRVB:2024:1461
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek om herziening inzake dubbele kinderbijslag voor zoon
Verzoeker vroeg herziening van een eerdere uitspraak waarin werd bepaald dat hij geen recht heeft op dubbele kinderbijslag voor zijn zoon. De aanvraag voor dubbele kinderbijslag werd in 2017 door de Sociale verzekeringsbank (Svb) afgewezen op basis van medische adviezen van het CIZ en het Beoordelingskader BUK.
De rechtbank had het besluit van de Svb vernietigd en verzoeker recht gegeven op dubbele kinderbijslag vanaf het vierde kwartaal van 2017. De Raad van Beroep vernietigde deze uitspraak echter weer en handhaafde het oorspronkelijke besluit, waardoor verzoeker geen recht kreeg op dubbele kinderbijslag.
Verzoeker stelde dat niet alle medische adviezen tijdig waren ingebracht en dat het Beoordelingskader niet onafhankelijk was opgesteld. De Raad oordeelde dat het verzoek om herziening niet aan de strikte voorwaarden van artikel 8:119 Awb Pro voldeed, omdat de aangevoerde feiten en omstandigheden al bekend waren of redelijkerwijs bekend hadden kunnen zijn en geen andere uitkomst zouden hebben gegeven.
Daarom werd het verzoek om herziening afgewezen, blijft de uitspraak van 12 januari 2022 in stand en worden de proceskosten en griffierecht niet vergoed.
Uitkomst: Het verzoek om herziening wordt afgewezen en de eerdere uitspraak blijft in stand.