ECLI:NL:CRVB:2025:1811
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid bezwaar tegen brief deurwaarder wegens ontbreken besluitkarakter
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Participatiewet en ervaart inhoudingen vanwege een sinds 2019 lopend derdenbeslag. Op 13 november 2023 maakte appellant bezwaar tegen een brief van 8 november 2023 van een incasso- en gerechtsdeurwaardersorganisatie, waarin hij verzocht dat de beslaglegging zou stoppen. Het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen verklaarde dit bezwaar op 14 december 2023 niet-ontvankelijk, omdat de brief niet kwalificeert als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro.
De rechtbank Noord-Nederland bevestigde dit oordeel en verklaarde het beroep ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant opnieuw dat de beslaglegging onterecht is omdat hij zijn schulden heeft voldaan. De Centrale Raad van Beroep oordeelt echter dat de brief van de deurwaarder geen bestuursorgaan betreft en dus geen besluit is waarop bezwaar kan worden gemaakt. Hierdoor is het bezwaar terecht niet-ontvankelijk verklaard.
De Raad bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het hoger beroep af. Er wordt geen inhoudelijk oordeel gegeven over het al dan niet bestaan van schulden. Appellant krijgt geen proceskostenvergoeding en het betaalde griffierecht wordt niet terugbetaald.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de brief van de deurwaarder is niet-ontvankelijk verklaard omdat deze brief geen besluit is als bedoeld in artikel 1:3 Awb.