ECLI:NL:CRVB:2026:769
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- O.H.L.W.I. Korte
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering bijstand wegens niet gemelde inkomsten en ontbreken dringende redenen
Appellanten ontvingen vanaf 2018 bijstand op verschillende normpercentages, oplopend tot de volledige gehuwdennorm vanaf januari 2020. Naar aanleiding van anonieme meldingen startte de gemeente een onderzoek naar niet gemelde inkomsten via bankafschriften en gesprekken. Het college herzag daarop de bijstand en vorderde terugbetaling van €5.649,80 wegens niet gemelde bijschrijvingen in diverse maanden tussen 2018 en 2021.
De rechtbank vernietigde deels de besluiten, maar liet de herziening en terugvordering in stand. Appellanten voerden in hoger beroep aan dat de ontvangen bedragen leningen voor levensonderhoud waren en dat zij door foute besluitvorming onder het bijstandsniveau leefden, waardoor terugvordering onterecht zou zijn.
De Raad oordeelt dat appellanten vanaf januari 2020 de volledige gehuwdennorm ontvingen en dus niet waren aangewezen op leningen. Voor de jaren 2018 en 2019 is niet aangetoond dat de bedragen leningen waren met terugbetalingsverplichting. Ook ontbreken dringende redenen om terugvordering achterwege te laten. Het hoger beroep wordt daarom ongegrond verklaard en de terugvordering blijft gehandhaafd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening en terugvordering van bijstand wegens niet gemelde inkomsten en het ontbreken van dringende redenen.