Uitspraak
ABN AMRO BANK N.V.,
mr. M.A. Blom,
mr. E.R.S.M. Marres, advocaat :
mr. M.H.J. van den Horst.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak stond centraal of ABN AMRO Bank aansprakelijk was voor misleiding in de prospectussen van obligatieleningen uitgegeven door Coopag Finance B.V. De rechtbank had eerder geoordeeld dat de prospectussen misleidend waren en dat de bank aansprakelijk was, tenzij zij kon bewijzen dat haar geen verwijt treft. De bank stelde dat zij voldoende onderzoek had verricht, maar het hof oordeelde dat dit onderzoek onvoldoende was.
De kern van de misleiding lag in het gebrek aan informatie over buitenlandse activiteiten, niet-geconsolideerde deelnemingen en eerdere verliezen van Coopag AG. De bank was bekend met het niet-consolideren van 214 ondernemingen, maar stelde geen vragen hierover en vroeg geen jaarstukken op, wat het hof als onvolledig onderzoek kwalificeerde.
Het hof benadrukte dat als lead-manager van een obligatielening de bank een zorgvuldige en volledige informatieplicht heeft, anders dan bij bancaire financiering. De bank had moeten doorvragen en bewijzen dat nader onderzoek geen andere uitkomst zou hebben gehad, wat zij niet deed. Ook kritische rapporten die de bank zelf overlegd had, gaven aanleiding tot verder onderzoek.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank, wees de zaak terug voor verdere behandeling en veroordeelde de bank in de kosten van het hoger beroep. Een verzoek van de vereniging tot nadere uitspraak over een formulering uit een eerder arrest werd niet ingewilligd omdat het buiten het hoger beroep viel.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de bank aansprakelijk is voor misleiding in de prospectussen en wijst de zaak terug naar de rechtbank.