ECLI:NL:GHAMS:1998:AA4427
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Van Ballegooijen
- De Vries
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1989 ondanks betwisting bevoegdheid en nieuw feit
Belanghebbende, directeur en meerderheidsaandeelhouder van een BV, werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1989 die hoger was dan zijn oorspronkelijke aangifte. Hij betwistte de bevoegdheid van de inspecteur die de aanslag oplegde en voerde aan dat er geen nieuw feit was dat navordering rechtvaardigde.
Het Hof oordeelde dat de inspecteur bevoegd was omdat het hoofd van de eenheid P zijn medewerkers, waaronder de inspecteur, schriftelijk had gemachtigd om namens hem aanslagen op te leggen. Het ontbreken van een expliciet schriftelijk mandaat voor de inspecteur was niet doorslaggevend, aangezien het hoofd zelf niet vervangen werd.
Verder stelde het Hof vast dat er wel degelijk sprake was van een nieuw feit: pas na november 1993 beschikte de inspecteur over voldoende informatie om de vermogensvergelijking voor 1989 op te stellen. Ook het verweer van belanghebbende dat de inspecteur ambtelijk verzuimd had om eerder te onderzoeken werd verworpen.
De navorderingsaanslag inclusief de verhoging en heffingsrente werd gehandhaafd. Het Hof vond geen overschrijding van de redelijke termijn en zag geen aanleiding om de proceskosten aan een partij toe te wijzen.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1989 inclusief verhoging en heffingsrente en verklaart het beroep ongegrond.