ECLI:NL:GHAMS:1999:AA7878
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Smit
- Faase
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Belastinggeschil over kwalificatie en bewijslast van ontvangen bedragen en alleenstaande-ouderaftrek
Belanghebbende, die een zoon heeft erkend door haar ex-partner C, ontving diverse geldbedragen van C en door hem beheerde vennootschappen. De inspecteur kwalificeerde deze bedragen als inkomsten uit dienstbetrekking en stelde de bewijslast omkering voor wegens niet-naleving van fiscale verplichtingen. Het hof constateert dat de aangifte te laat was ingediend, maar dat de inspecteur voldoende rekening kon houden met de gegevens.
De inspecteur stelde uitgebreide vragen over de aard van de betalingen, maar het hof vindt dat belanghebbende zich voldoende heeft ingespannen om deze te beantwoorden. Belanghebbende en C hebben verklaringen overgelegd waaruit blijkt dat de betalingen uit vrijgevigheid en morele verplichting voortkwamen ter ondersteuning van de opvoeding van hun zoon.
Het hof acht aannemelijk dat de bedragen niet als loon uit dienstbetrekking moeten worden aangemerkt. De inspecteur heeft onvoldoende bewijs geleverd dat sprake is van arbeidsinkomsten boven de reeds opgegeven bedragen. Het hof verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de inspecteur, vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van f.13.761 en kent de aanvullende alleenstaande-ouderaftrek toe.
Uitkomst: Het hof vernietigt de aanslag en vermindert deze tot een belastbaar inkomen van f.13.761 met toepassing van de aanvullende alleenstaande-ouderaftrek.