ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8022
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Dutmer
- J.H. van Ballegooijen
- J. van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Vaststelling van verrekenbare verliezen ondanks te laat ingediend bezwaar tegen ambtshalve aanslag
Belanghebbende, een besloten vennootschap, maakte bezwaar tegen de ambtshalve vastgestelde aanslag vennootschapsbelasting 1995 en verzocht om vaststelling van verrekenbare verliezen over de jaren 1986 tot en met 1994. De inspecteur verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en weigerde een voor bezwaar vatbare beschikking af te geven.
Het Hof oordeelt dat het bezwaar ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard omdat de beschikking niet voldeed aan de vereisten van artikel 3:45 van Pro de Algemene wet bestuursrecht omtrent de vermelding van de bezwaartermijn. Daarnaast stelt het Hof dat het verzoek tot vaststelling van verliezen tijdig is ingediend omdat het werd gedaan voordat de aanslag onherroepelijk werd.
Het Hof legt het begunstigende beleid van de staatssecretaris uit dat verzoeken tot vaststelling van verliezen die bij het bezwaarschrift worden gedaan als tijdig worden beschouwd. Het Hof stelt het gezamenlijke bedrag van de verrekenbare verliezen vast op f 1.161.593 en veroordeelt de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het Hof verklaart het bezwaar ontvankelijk en stelt het gezamenlijke bedrag van de verrekenbare verliezen vast op f 1.161.593.