ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7616
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Schaap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging navorderingsaanslag wegens ontbreken nieuw feit en grove schuld
Belanghebbende, een gepensioneerd bankdirecteur, kreeg een navorderingsaanslag opgelegd wegens te weinig aangegeven rente-inkomsten over 1993. De inspecteur baseerde dit op rente-renseignementen van onder meer de ABN-Amrobank, die een hoger bedrag aangaven dan belanghebbende had opgegeven.
Belanghebbende voerde aan dat rente met valutadatum 31 december fiscaal pas in het volgende jaar wordt genoten, een standpunt dat door het hof werd bevestigd. De ABN-Amrobank erkende deze discrepantie, maar bleef haar renseignering ongewijzigd voortzetten, wat tot verwarring leidt.
Het hof oordeelde dat de inspecteur onvoldoende bewijs leverde dat belanghebbende opzettelijk onjuiste gegevens had verstrekt. Wel was sprake van in laakbaarheid aan opzet grenzende onachtzaamheid (grove schuld). Omdat een nieuw feit ontbreekt, is navordering niet toegestaan en wordt de aanslag vernietigd.
Daarnaast werd belanghebbende in het gelijk gesteld wat betreft proceskosten, waarbij een bedrag van f 710 werd toegekend. De uitspraak werd op 7 juli 2000 door het hof in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De navorderingsaanslag inkomstenbelasting 1993 wordt vernietigd wegens ontbreken van een nieuw feit en onvoldoende bewijs van opzet.