ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7664
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mrs. Bijl
- Boersma
- Van Hilten
- Rechtspraak.nl
Geen recht op vermindering omzetbelasting voor promotiediensten met dierentuinbonnen
Belanghebbende, een promotiebedrijf, voerde in 1997 en 1998 promotieactiviteiten uit voor opdrachtgever C, waarbij producten werden voorzien van waardebonnen (dierentuinbonnen) die consumenten korting gaven bij deelnemende dierentuinen. Belanghebbende sloot daartoe overeenkomsten met zowel C als de Nederlandse Vereniging van Dierentuinen (NVD), waarbij zij verantwoordelijk was voor de afhandeling en het redemptierisico.
Belanghebbende stelde dat zij op grond van artikel 20, eerste lid, van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968 recht had op vermindering van de verschuldigde omzetbelasting over de inwisseling van de bonnen. Verweerder betwistte dit en stelde dat de bonnen door C waren verstrekt, zodat belanghebbende geen vermindering kon claimen.
Het hof oordeelde dat belanghebbende diensten verrichtte voor C, maar dat de bonnen feitelijk door C werden verstrekt. De rol van belanghebbende was het uitvoeren van de promotie en het dragen van het redemptierisico, maar dit bracht niet mee dat zij recht had op vermindering van de omzetbelasting. De vergoeding die belanghebbende aan de NVD betaalde voor de bonnen was onderdeel van de vergoeding voor haar diensten.
Daarom werd het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard en werd de uitspraak van verweerder bevestigd. Het geschil over de hoogte van de vermindering behoefde geen verdere behandeling meer. Het hof veroordeelde verweerder niet in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de Belastingdienst bevestigd.