ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7681
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Schaap
- Van Loon
- Rensema
- Rechtspraak.nl
Vermomde winstuitdeling door laagrentende lening aan aandeelhouder
Belanghebbende, enig aandeelhouder van X B.V., had in 1993 een lening van ƒ 1.000.000 bij de B.V. tegen 6% rente, terwijl een zakelijke rente van ten minste 8% redelijk was. Het Hof kwalificeerde het verschil als een vermomde winstuitdeling. Hoewel de Staatssecretaris van Financiën in 1997 een andere praktijk huldigde, oordeelde het Hof dat voor het belastingjaar 1993 de toen geldende rechtsopvatting geldt dat een dergelijke bijtelling in de inkomstenbelasting gepaard gaat met een even grote renteaftrek.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende en de B.V. zich bewust moesten zijn van de bevoordeling vanwege het grote renteverschil zonder zekerheden of aflossingsschema. De aanslag werd verminderd tot het belastbare inkomen zoals door belanghebbende aangegeven, namelijk ƒ 2.559. Verweerder werd veroordeeld in de proceskosten en het betaalde griffierecht moest worden vergoed.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 14 april 2000, waarbij het beroep van belanghebbende gegrond werd verklaard en de bestreden uitspraak vernietigd.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ 2.559 en verweerder wordt veroordeeld in de proceskosten.