ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7754
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Onterecht in rekening gebrachte leges voor vrijstellingsprocedure bouwvergunning
Belanghebbende diende op 27 mei 1997 een aanvraag in voor een bouwvergunning voor een dakuitbouw. Op basis hiervan werd een nota bouwleges van ƒ 237 verzonden, die niet in geschil was. Vervolgens werd belanghebbende geïnformeerd dat voor het verlenen van de vergunning een vrijstellingsprocedure nodig was vanwege strijdigheid met het bestemmingsplan, met kosten van ƒ 765.
De leges voor deze vrijstellingsprocedure werden op 4 juli 1997 in rekening gebracht. Het geschil betrof de rechtmatigheid van deze leges. Het hof oordeelde dat voor het in rekening brengen van leges een schriftelijke aanvraag vereist is, welke in dit geval ontbrak. De mededeling van de afdeling Bouw- en woningtoezicht kon niet als een schriftelijke aanvraag worden aangemerkt.
Daarom werden de leges ten onrechte geheven en vernietigd. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het betaalde griffierecht. De bouw werd wel uitgevoerd, maar dit deed niet af aan het ontbreken van een schriftelijke aanvraag voor de vrijstellingsprocedure.
Uitkomst: De aanslag leges voor de vrijstellingsprocedure wordt vernietigd wegens het ontbreken van een schriftelijke aanvraag.