ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7968
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Faase
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt navorderingsaanslag vennootschapsbelasting wegens gefingeerde dividendstroom en rentelasten
Belanghebbende, een beleggingsinstelling, claimde in haar vennootschapsbelastingaangiften aanzienlijke bedragen aan voorgeheven dividendbelasting en rentelasten. Na een boekenonderzoek in 1992 bleek dat een groot deel van de effectenportefeuille was verpand aan een bank in Koeweit, maar door de Golfoorlog was er geen contact meer met deze bank. Belanghebbende stelde dat haar administratie medio 1996 in beslag was genomen door ambtenaren van financiën, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De inspecteur legde navorderingsaanslagen op voor de jaren 1990 tot en met 1993, waarbij de voorgeheven dividendbelasting op nihil werd gesteld en een boete van 100% werd opgelegd wegens ernstige en omvangrijke fraude. Belanghebbende voerde bezwaar aan, maar kon de gestelde effectenbezit, schuld en rentebetalingen niet aannemelijk maken. Het Hof oordeelde dat belanghebbende niet voldeed aan de administratieplicht en dat de bewijslast omkeerde.
Het Hof stelde vast dat de navorderingsaanslag terecht was opgelegd en dat de boete terecht was opgelegd wegens opzettelijk onjuiste aangiften. Belanghebbende werd niet-ontvankelijk verklaard voor het bezwaar tegen de heffingsrente, omdat dit punt niet tijdig was aangevoerd. Het beroep werd ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag met boete wordt bevestigd.